De Rechtbank Den Haag heeft onlangs uitspraak gedaan over de stelplicht en de bewijslast. Ten aanzien van het zonder recht of titel overboeken van gelden van een bankrekening.
Eiser heeft betreft het bedrag van € 75.000,00 gesteld dat hij heeft geconstateerd dat er regelmatig grote bedragen zijn overgeboekt van zijn rekening naar die van erflaatster.
Eiser was niet op de hoogte van de overboekingen en heeft daarmee niet ingestemd.
Deze bedragen zijn opgelopen tot een bedrag van in ieder geval € 75.000,00.
Erflaatster beschikte over de bankrekening van eiser, zonder dat eiser daarop zicht had.
Pas enkele jaren geleden, eind 2020, kreeg eiser een iPad waarmee hij de mogelijkheid had om de bij- en afschrijvingen van zijn rekening te controleren.
De gewraakte overboekingen dateren echter van voordien.
De overboekingen zijn zonder recht of titel en daarmee onrechtmatig gedaan, aldus eiser.
Erfrecht. Onttrekking van gelden uit nalatenschap. Stelplicht en bewijslast. Zonder recht of titel overboeken van gelden van bankrekening. Onrechtmatige daad.
De rechter oordeelt als volgt.
De stelplicht en de bewijslast van de stelling dat erflaatster zonder recht of titel en daarmee op onrechtmatige wijze de overboekingen heeft gedaan rusten op eiser.
De rechtbank is van oordeel dat eiser onvoldoende gemotiveerd heeft gesteld dat erflaatster zonder recht of titel en dus op onrechtmatige wijze gelden van zijn rekening heeft overgeboekt naar haar eigen rekening, waartoe de rechtbank als volgt overweegt.
Eiser heeft in de dagvaarding niet concreet geduid welke overboekingen het betreffen.
Hij heeft zonder nadere toelichting verwezen naar de afschriften gevoegd bij de brief van zijn advocaat.
Op de afschriften zijn verschillende overboekingen geduid door middel van een omkadering.
Daarnaast is er in de periode van 15 juni 2015 tot en met 13 juli 2020 een veertiental overboekingen geduid, bestaande uit acht overboekingen van de rekening van eiser naar de rekening van erflaatster en zes overboekingen van de rekeningen van erflaatster naar de rekening van eiser.
Bij deze betalingen zijn geen omschrijvingen genoemd, behalve bij een betaling van de rekening van eiser naar de rekening van erflaatster op 6 februari 2019 van € 15.316,00 waarbij is vermeld “totale kwijtschelding”.
Het saldo van deze overboekingen is € 75.316,00.
De rechtbank begrijpt dat de vordering betrekking heeft op deze overboekingen.
Eiser heeft een onvoldoende onderbouwing gegeven van zijn standpunt dat erflaatster de overboekingen van zijn bankrekening naar haar bankrekening zou hebben gedaan zonder dat eiser daar zicht op had en zonder medeweten van eiser.
Gedaagden hebben dit gemotiveerd weersproken.
Daartoe hebben zij onder meer gesteld dat eiser een fervent belegger was en daartoe door middel van internetbankieren zijn eigen financiën beheerde.
Deze stelling vindt steun in de overgelegde bankafschriften van eiser van zijn bankrekening, waarop verschillende overboekingen zijn vermeld van grote bedragen van en naar zijn beleggingsrekening en Profijtrekening.
Dat hij belegde heeft eiser op de zitting bevestigd.
Er kan worden verwacht dat eiser – in het kader van die beleggingen – zicht had op zijn vermogen en het verloop ervan.
Dit is een aanwijzing dat eiser weldegelijk zicht had op zijn eigen bankrekeningen, al dan niet met behulp van erflaatster.
Gedaagden hebben schriftelijke verklaringen van henzelf overgelegd, die dit ondersteunen.
Ook de bedoelde overboekingen zelf tussen eiser en erflaatster geven geen handvatten dat erflaatster deze overboekingen heeft gedaan buiten medeweten en zonder toestemming van eiser.
Daartoe stelt de rechtbank voorop dat uit de stelling van eiser volgt dat erflaatster bevoegd was om over zijn bankrekening te beschikken.
Zij deed dat immers voor hem en op aanwijzing van hem.
De enkele omstandigheid dat zij gelden heeft overgeboekt, brengt dus niet reeds mee dat zij onrechtmatig heeft gehandeld.
Voort is van belang dat er geen omschrijvingen bij de overboekingen staan, behalve bij de overboeking van 6 februari 2019.
Die omschrijving wijst er veeleer op dat eiser een schuld had bij erflaatster.
Ook valt uit de overgelegde bankafschriften op dat er gedurende jaren grote bedragen heen en weer zijn gegaan tussen de bankrekeningen van eiser en erflaatster.
Ook erflaatster heeft dus grote bedragen overgemaakt naar eiser.
Uit de betalingen blijkt al dat erflaatster € 80.000,00 heeft overgemaakt van haar bankrekening naar de bankrekening van eiser.
Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, wijst dit patroon niet zonder meer op een situatie waarin erflaatster zonder medeweten en toestemming van eiser gelden van zijn rekening naar haar rekening heeft overgemaakt.
Ook speelt mee dat, zoals hierna nog aan bod komt, er een financiële verwevenheid is geweest tussen de financiële posities van eiser en erflaatster.
Gelet hierop kan de omstandigheid dat er in de periode van 2015 tot en met 2020 gelden zijn overgemaakt van de bankrekening van eiser naar de bankrekening van erflaatster en andersom niet tot de conclusie leiden dat erflaatster per saldo gelden op onrechtmatige wijze naar haar bankrekening heeft overgeboekt.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, of over het berekenen van de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.